Onderga zo’n andere liturgie nou eens

Onderstaand interview met ds. Klaas-Willem de Jong is gepubliceerd in het Christelijk Weekblad van 18 oktober In het kader van het Symposium ‘Over grenzen heen Verbindend & Verhalend vieren’ op 15 en 16 november.

Op dezelfde dag verscheen in het Nederlands Dagblad ook een interview met Klaas-Willem de Jong. U kunt dit hier lezen (kosten 0,50 cent). 

kerkdienst

Waarom Eredienst Creatief?“De werkgroep is ontstaan vanuit de gedachte dat het jammer is dat de verschillende kerkelijke stromingen weinig verbinding zoeken met elkaar. Bij degenen die graag psalmen zingen, zijn opwekkingsliederen buiten zicht. Hetzelfde geldt voor de orde van dienst.Bij de protestanten is die vaak hoog-liturgisch, er is weinig emotie. In evangelische gemeenten is spontaniteit een belangrijk aspect waardoor de inhoud weleens minder aandacht krijgt. Onze visie is dat je de spanningsboog  als een ‘verhaal’ kunt bekijken, met een plot, een volgorde en een idee tot wie je je wilt richten. Zo wordt ‘emotie’ met ‘verantwoorden’ verbonden.”

Wat zijn de belangrijkste oorzaken van conflicten rondom liturgie en liedcultuur?

“Nogal wat gemeenten hebben een cantorij en daarnaast een soort combo met populairdere muziek. Zij hebben ieder hun eigen liefhebbers die elkaar niet altijd even goed begrijpen. Dat ligt niet alleen aan de generatiekloof maar ook aan de achtergrond en het opleidingsniveau van de mensen.”

Op de website van Eredienst Creatief wordt liturgie een ‘werkplaats van de Geest’ genoemd. Hoe definieert u dat?

“Er zijn stromingen binnen de kerken die teksten voorlezen uit een boek te weinig ‘uit de Geest’ vinden. In evangelische gemeenten is er meer ruimte voor de spontane inval, het hier en nu, het moment van samen zijn.

Het kan dus zomaar gebeuren dat de voorganger zegt: ‘We gaan nu zingen wat de Geest ons ingeeft’. Ik vind echter ook de interactie met de aanwezige gemeenteleden belangrijk want de Geest werkt eveneens door hen. De voorganger kan bijvoorbeeld best vragen ‘Wat roept deze Bijbeltekst bij jou op?’, ook in grotere kerken.”

Welke liturgische tendensen ziet u in de kerk?

“Wat ik zie is een verbreding van het instrumentarium. Minder orgel, meer piano, daarnaast ook dwarsfluit, gitaar, enzovoort. Opwekkingsliederen zullen een grotere plaats in de liturgie gaan krijgen. In de eredienst zal meer interactie ontstaan, ondermeer door het gebruik van YouTube-filmpjes en bijvoorbeeld ook eens een seculier lied dat goed past.

Overigens staat de klassieke orde van dienst op zich nog heel stevig. Niemand wil de preek afschaffen, om maar wat te noemen. Het zou wel kunnen gebeuren dat elementen in een dienst worden verplaatst als de inhoud daarom vraagt.”

Hoe zou het Amerikaanse begrip blendend worship in Nederland kunnen werken?

“Nederland is een polderland waarin we beseffen dat we met elkaar ergens heen moeten. Blended Worship moet echter niet als doel op zich worden gezien maar als een serieuze mogelijkheid mensen en tradities te verbinden, te vermengen, maar ook om daaruit weer nieuwe ontwikkelingen te laten ontstaan. Het is daarbij belangrijk een taal te spreken die verstaanbaar is, ook voor nieuwkomers.”

Wat is de inhoud van het symposium?

“We willen ook letterlijk over grenzen heen kijken. Daarom hebben we gasten uit Zwitserland en Amerika uitgenodigd, om te vertellen over de ontwikkelingen op kerkelijk liturgisch gebied in hun land.

Om te kijken welke vormen we nog meer kunnen gebruiken in de kerkdienst dan degene die er al zijn, is ondermeer een workshop ‘Dans in de kerkdienst’ in het programma opgenomen. Liturgie is een spel, een heilig spel, waarmee je kunt spelen. Dat betekent dat de liturgie niet te statisch moet worden opgevat, de Geest is immers dynamisch.”

Voor wie is het symposium bedoeld?

“Wij richten ons in de eerste plaats op voorgangers, kerkmusici en gemeenteleden die actief bij de liturgie betrokken zijn. Twee jaar geleden, tijdens de eerste editie, kwamen er vooral mensen uit de Protestantse Kerk in Nederland, de Nederlands Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt, en Baptisten, naar het symposium.”

Wat houdt verhalend en verbindend vieren precies in?

“Het uitgangspunt van de dienst moet zijn: wat willen wij de gemeente vertellen? In plaats van te proberen ieder element uit een vaste orde van dienst aan bod te laten komen, kan het effectiever zijn om bij iedere samenkomst vanuit de inhoud te bepalen wat er nodig is om het verhaal te vertellen. Zo creëer je een goede spanningsboog in de dienst, waardoor de mensen meer gaan meedoen en verrijkt naar huis gaan.”

In het programma van het symposium komt het zoeken naar eenvoud en stilte in de liturgie aan bod. Waarom?

“Het is goed om op het juiste moment ruimte te geven aan de stilte, even te stoppen, dingen uit te laten klinken. Dat werkt ook zo met eenvoud, een enkel zinnetje in de preek kan soms minstens even werkzaam zijn als een lang verhaal. Het gaat om het kiezen van de juiste woorden en elementen, niet om het spektakel.”

Wat is het belangrijkste dat u de deelnemers aan het symposium wilt meegeven?

“Dat ze plezier vinden in het voorbereiden en het vieren van een liturgie. Het moet geen standaardklus zijn maar een verhaal dat inspireert en waarover is nagedacht.”

Bron: Het Goede Leven (18 oktober 2013, Rob den Boer)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *